Zo houd je balbezit na een ingooi op eigen helft

Per wedstrijd krijg je als team gemiddeld 20 inworpen, dus het is belangrijk om daar slim mee om te gaan en hier ook aandacht aan te besteden in je trainingen. Een inworp komt voor op verschillende plekken van het veld en op iedere plek op het veld moet een ingooi weer anders aangepakt worden. In dit artikel is er aandacht voor een ingooi op eigen helft en hoe dit aan te pakken. 

Bij een ingooi op eigen helft is het vooral zaak om geen balverlies te lijden. De tegenstander is dan direct dicht bij jouw doel en een tegengoal is dus gemakkelijk gemaakt. In de meeste gevallen zal de centrumspits van het aanvallende team de centrale verdediger van het verdedigende team dekken aan de kant van de bal. Daardoor staat de andere centrale verdediger vrij, maar deze is soms lastig te bereiken.


De truc is om als verdedigende partij de onderlinge afstanden groot te houden. Zo lukt het nooit voor de tegenpartij om met een aanvallende middenvelder en een spits de verdediging vast te zetten. Je kunt zo zelfs een overtalsituatie creëren als je slim met de ruimtes omgaat. 


Hoe train je hierop?

Je kunt gemakkelijk trainen op inworpen op eigen helft. Je hebt hiervoor in in ieder geval 7 spelers nodig. Voor de verdedigende partij in ieder geval een keeper, een speler die ingooit, 2 centrale verdedigers en een middenvelder. Voor de aanvallende partij heb je in ieder geval een aanvallende middenvelder en een spits nodig.


Het is aan de verdedigende partij om de ruimtes zo groot mogelijk te maken, zodat de aanvallende spelers keuzes moeten gaan maken met wie ze mee lopen en hoe ze proberen het spel vast te zetten. Dit levert de verdedigende partij meer tijd en ruimte op om balbezit te houden en het spel te verplaatsen. Pas de veldafmetingen aan aan de leeftijd van je spelers, zodat het de verdedigende partij af en toe lukt om eruit te komen en de aanvallende partij af en toe lukt om de bal te veroveren.

Terug
  • #voetbal
  • #training
Andere content