Afbeelding: Pixabay
Afbeelding: Pixabay

Op het veld met hockeytrainer Hidde van Schaik

Aan het begin van zijn carrière als hockeytrainer stond Hidde van Schaik met tachtig kinderen op een half veld te trainen. Nu, elf jaar later, traint hij het andere uiterste: een kleine groep 65-plussers waarvan de oudste de tachtig is gepasseerd. “Junioren en 65-plussers komen sterk overeen. Het gaat bij beide groepen vooral om plezier en niet om de winst.”

Naam: Hidde van Schaik

Traint: 65-plussers in Castricum

Overdag: eigenaar internetmarketingbureau

Hoe ben je hockeytrainer geworden?

“Toen ik zelf nog hockeyde in de C-jeugd ben ik training gaan geven aan de jongste jeugd. Op vrijdagmiddag stond ik met twee moeders en tachtig kinderen op een half veld. Destijds was dat geweldig. Pas later is dat professioneler geworden. Al heb ik geen sportopleiding gevolgd. Ik heb als hockeyer veel ervaring en ik denk dat je als trainer op het veld genoeg leert. Als je openstaat voor feedback en reacties goed kunt lezen, kom je al een heel eind.”

Wat maakte uiteindelijk dat je een team 65+ers onder je hoede kreeg?

“Sportservice Kennemerland was bezig met een initiatief om ouderen in beweging te krijgen en benaderde mij als trainer. We zijn gestart met een trial, om te zien of er überhaupt vraag naar was. Inmiddels trainen we elke maandagavond met acht tot tien leden.”

Hoe zien die trainingen eruit?

“We doen een uitgebreide warming-up van twintig minuten. Daarbij bewegen we alles, van schouders tot tenen. Vaak doen we tijdens de warming-up spelletjes, zoals trefbal of evenwichtsoefeningen. Daarna spelen we twintig minuten tot een halfuur hockey. Dat zijn kleine oefeningetjes, zoals aanspelen, wegdraaien, doorstappen. Anders dan bij de jeugd, behandelen we bij ouderen elke stap apart. We oefenen bijvoorbeeld eerst het wegdraaien zonder bal, daarna pas met bal. We eindigen altijd met een partijtje, maar dat is dan vooral knotshockey (hockey met een stick die is voorzien van foam, red.). Zo voorkomen we ongelukken.”

'Ze kennen hun eigen mogelijkheden en beperkingen gelukkig goed'

“Je moet als trainer goed rekening houden met fysieke verschillen onderling. Van de acht ouderen kunnen er zes versneld lopen, waarvan er weer twee kunnen joggen. Maar er  is ook iemand die een aantal operaties heeft gehad waardoor één been niet goed functioneert. Hierdoor loopt hij moeilijker, maar komt toch goed mee met de groep. Zijn humor en zelfspot helpen daar ook zeker aan mee.  Ze kennen hun eigen mogelijkheden en beperkingen gelukkig ook goed en het is aan mij om daar een training op aan te passen.”

Wat is het grootste verschil tussen het trainen van junioren, senioren en 65+ers?

“Nou, het grappige is dat junioren en 65-plussers wel overeenkomen. Ze spelen allemaal voor hun plezier. Als een kind van acht een wedstrijdje verliest, is het dat na een kwartier alweer vergeten. Vanaf een jaar of twaalf willen kinderen graag de beste zijn. Dat zie je bij deze mensen niet. Het moet vooral leuk blijven. En in beweging blijven speelt natuurlijk een grote rol bij ouderen.”

Vind je het leuk?

“Ik vind het prachtig. Het is echt ontspanning. Los van het feit dat ik het leuk vind om met sport bezig te zijn, is het goed om te zien dat je meer doet dan alleen sport. Toen ik op een serieuzer niveau trainde, was het bikkelen. Dan had je met z’n allen maar één doel: winnen. Hier is het veel persoonlijker. Je krijgt een cadeautje met Sinterklaas, we vierden dat ik afgestudeerd ben. Het competitieve mis ik niet. Ik heb heel bewust afscheid genomen van het trainerschap om me te storten op mijn bedrijf in online marketing.”

Was het wel een optie om je boterham te verdienen als hockeytrainer?

“Ik ben betaald actief geweest als trainer. Dat is bij hockey wel gebruikelijk, omdat ouders toch minder betrokken zijn dan bij bijvoorbeeld voetbal of rugby. Daarom moeten clubs betalen voor trainers. Maar als je je brood ermee wilt verdienen moet je bij grotere clubs zitten die ook budget hebben voor de jeugdtrainers . Je kunt niet rondkomen met tien uur per week training geven aan senioren.”

Waar haal je je inspiratie voor de huidige trainingen vandaan?

“Over het algemeen zijn het oefeningen die ik vanuit ervaring ken. Voor extra kennis en oefeningen gebruik ik het platform Theo. Al die oefeningen verklein ik wel. We spelen op maximaal vijftien meter. Als je meerdere acties doet, bijvoorbeeld doordraaien naar drie stationnetjes, gaan deze mensen het lastig vinden. Dan gaat het plezier eraf.”

Wat zijn jullie verdere plannen met dit programma?

“We zijn nu druk bezig met marketing in lokale bladen, op posters en flyers. We willen de groep graag uitbreiden tot vijftien mensen. Niet alleen omdat wij het leuk vinden als er meer mensen bij zijn, maar vooral voor de mensen zelf. Hoe groter de groep, hoe groter de gezelligheid.”

Terug
Andere content